|
|
Wittewoningwinkel concurrent traditionele makelaar |
|
|
maandag 30 januari 2006 |
Sinds vier jaar mag iedereen zich makelaar noemen. De NVM krijgt meer concurrentie van goedkopere formules zoals de WitteWoningWinkel. NVM zet vraagtekens bij de kwaliteit. De WitteWoningWinkel bestormt de makelaarsmarkt door tweederde minder courtage te vragen dan de NVM-concurrentie
Rien Kouters – zelfstandig ondernemer en erkend uitvinder – houdt niet van skiën. Zijn vrouw wel. Vandaar dat hij eind 2002 tijdens een wintersportvakantie op een bankje in een Oostenrijks dal zat te staren naar de witte bergwanden. Wit is helder, wit is transparant, mijmerde hij. Hij moest meteen denken aan het witte fietsenplan van de Provo's en de witte pomp. Zo kwam Kouters (51) op de naam voor een nieuwe makelaarsketen: de WitteWoningWinkel. Nu drie jaar later heeft de franchiseketen ruim 25 vestingen. ‘Het probleem bij mijn uitvindingen is dat je moet laten zien dat ze werken’, vertelt Kouters. ‘Het is een hoop gedoe, maar het kan niet anders.’ Hij begon daarom zelf een makelaarskantoor om te bewijzen dat zijn concept levensvatbaar was. Kouters had geluk. Hij kon het pand van de bloemenzaak in zijn woonplaats overnemen. ‘Had ik in één keer de beste locatie in Oud Gastel.’ Toen Kouters na een paar maanden de kranten van de ramen trok, had hij via via meteen al twaalf woningen in de etalage hangen. Zijn klanten berekenden hij slechts een derde van het bedrag dat ze kwijt zouden zijn bij een reguliere makelaar. Na een paar maanden had hij twintig huizen hangen en verkocht hij, naar eigen zeggen, meer dan zijn twee plaatselijke concurrenten, aangesloten bij marktleider NVM. Ondanks zijn succes, moest Kouters er niet aan denken de baas te worden van een keten met makelaarskantoren. ‘Dat trek ik niet’, wist hij. Begin 2003 had hij echter opnieuw geluk. Kouters kwam in contact met Herman Bruggink die juist wel rond liep met plannen voor een makelaarsketen. Samen begonnen ze met het werven van franchisenemers. Nu is Kouters nog wel mede-eigenaar van het concept, maar bemoeit hij zich niet meer met de dagelijkse gang van zaken. ‘Op die creativiteit van Kouters ben ik wel jaloers’, erkent Bruggink (39) in de WitteWoningWinkel in het winkelhart van Nieuw Vennep. Bruggink legt uit dat alle vestigingen op een zichtbare plek moeten zitten: ‘Ze moeten vindbaar zijn.’ Bruggink deed zijn ervaring met winkels en franchise-ondernemers op als formulemanager bij DA Drogisterijen. ‘De franchise-ondernemer moet geworteld zijn in de lokale gemeenschap. Als ik met zo'n makelaar naar het plaatselijke café ga en hij wordt door veel mensen begroet, dan weet ik dat hij het goed doet.’ De WitteWoningWinkel claimt met 0,5 procent courtage 70 procent goedkoper te zijn dan de gemiddelde NVM-makelaar. Wie zijn oor te luisteren legt bij de NVM, krijgt daar te horen dat de gemiddelde makelaar niet bestaat, maar dat je wel weet waar je met de NVM aan toe bent. Zo heeft elke NVM-makelaar een beroepsaansprakelijkheidsverzekering en kan de klant bij een conflict naar een onafhankelijke geschillencommissie stappen. Bruggink: ‘We onderzoeken nog of zo’n dure beroepsaansprakelijkheidsverzekering nodig is. Veel partijen met wie we samenwerken, zoals taxateurs en notarissen, hebben zelf al zo’n verzekering.’ ‘Ontoelaatbaar dat een makelaar niet zelf zo’n verzekering heeft’, zegt André Drok, woordvoerder van de NVM. ‘Als de makelaar iets niet meldt, denk aan een oude olietank in de tuin, dan kan de klant nergens met zijn claim naar toe.’ Drok weet niet hoe vaak dergelijke zaken NVM-makelaars overkomen. Met de komst van de Geschillencommissie Makelaardij hebben ook de WitteWoningWinkels toegang tot een onafhankelijk klachtenloket. ‘We zijn van plan ons daarbij aan te sluiten’, stelt Bruggink. De NVM is al aangesloten. De NVM volgt nieuwe makelaarsformules kritisch. ‘Sinds de makelaarstitel vier jaar geleden is vrijgegeven, mag iedereen zich makelaar noemen. Veel nieuwe makelaars leggen de nadruk op hun verkoopkwaliteiten en de prijs’, weet André Drok. ‘Ze zetten je huis op een site en zeggen van zichzelf dat het geboren onderhandelaars zijn. Dat is maar een gedeelte van het werk van een makelaar. Het andere deel van het werk – denk aan marktanalyse, onderzoek naar bouwkundige staat, juridische aspecten en het eigendom – is minder zichtbaar.’ Uit bedrijfsvergelijkend onderzoek concludeert NVM dat tarieven van prijsstunters te laag zijn om een kwalitatief goede service te bieden. De vraag is ook hoe een makelaar van de WitteWoningWinkel het hoofd boven water kan houden als hij per verkocht huis zo veel minder verdient dan een andere makelaar. Is zijn dienstverlening kariger? Moet de klant meer zelf doen? Bij de Vereniging Eigen Huis, die geen oordeel geeft over de keten, maar meer concurrentie wel toejuicht, komen tot nog toe geen klachten binnen over de WitteWoning-makelaars. ‘We kunnen ons ook geen klachten permitteren’, zegt Bruggink. ‘Als we een fout maken, krijgen we al snel te horen: Zie je wel, ze zijn te goedkoop. Dan kunnen we onze winkels wel sluiten.’ Bruggink legt het concept uit: ‘De etalage van de winkel moet volhangen. Een ondernemer verdient een redelijke boterham als hij 75 tot 100 huizen per jaar verkoopt.’ De makelaar moet wel veel zelf doen, want personeel drijft de kosten flink op. Bij 75 verkochte huizen van gemiddeld 225 duizend euro bedraagt de omzet van een WitteWoningWinkel 84 duizend euro. Geen vetpot als je bedenkt dat een voltijdsmedewerker al snel 45 duizend euro kost. Bruggink vergelijkt zichzelf graag met de opkomst van de goedkope vliegtuigmaatschappij Easyjet. ‘Die vergelijking met Easyjet duigt niet’, vindt Drok. ‘Bij Easyjet weet je dat de piloot een vliegbrevet heeft. Bij niet-NVM makelaars worden geen opleidingseisen gegarandeerd.’ Bruggink ziet het anders: ‘Een van de redenen dat de overheid het beroep makelaar heeft vrijgegeven, is dat een opleiding geen garantie is voor een goede kwaliteit. Bovendien volgen diverse van onze franchisenemers wel degelijk een opleiding tot makelaar. Starters moeten verplicht stage lopen bij een van onze winkels en een paar keer per jaar gaat iedereen naar een bijspijkerdag.’ De WitteWoningWinkel probeert tijd te winnen door veel werkzaamheden uit te besteden aan ‘goed opgeleide experts’. ‘De koopakte is een zaak voor de notaris. De bouwkundige keuring laten we doen door een bouwkundige van Vereniging Eigen Huis.’ Bij de start van de keten verwachtte Bruggink dat klanten vooral interesse zouden hebben in deeldiensten. ‘Bijvoorbeeld een advertentie in de etalage, een bord in de tuin plus een vermelding op de site. In de praktijk kiezen vrijwel alle huizenverkopers voor het complete pakket met een courtage van 0,5 procent. Bron: De Volkskrant
|
|
|