|
donderdag 12 juli 2007 |
Nederland heeft sinds 1 januari 2001 een nieuw belastingstelsel. Een van de grootste veranderingen ten opzichte van het oude belastingstelsel is dat er voor de inkomstenbelasting voortaan drie soorten inkomen zijn. Deze inkomens zijn ondergebracht in drie 'boxen'.
Dat je huiseigenaar bent, heeft veel gevolgen voor je aangifte en welke boxen voor jou relevant zijn.
Box 1: belastbaar inkomen uit arbeid en woning In box 1 vallen onder andere loon, AOW, pensioen, ondernemingswinst en de eigen woning. Deze inkomsten worden belast volgens een oplopend schijventarief. De belasting in box 1 bedraagt maximaal 52%.
In box 1 vallen aftrekposten zoals hypotheekrente voor de aanschaf, verbetering en onderhoud van de eigen woning, kosten voor kinderopvang, lijfrentepremie, premie voor arbeidsongeschiktheidsverzekering en alimentatie.
Box 2: belastbaar inkomen uit 'aanmerkelijk belang' Box 2 is voor de particulier minder relevant, maar voor ondernemers wel belangrijk. In box 2 worden inkomsten uit zogenaamd 'aanmerkelijk belang' belast. Een aanmerkelijk belang is een belang van ten minste 5% in een BV of NV. Box 3: belastbaar inkomen uit sparen en beleggen. In deze box valt het vermogen dat je hebt opgebouwd in de vorm van bijvoorbeeld spaargeld, beleggingen en onroerend goed. Vanaf 2001 gaat de belastingdienst er vanuit dat je 4% rendement behaalt over de gemiddelde economische waarde van je vermogen. Ongeacht het rendement dat je daadwerkelijk behaalt, betaal je dus belasting over 4% van je vermogen. De belasting bedraagt 30% en wordt de 'vermogensrendementsheffing' genoemd. In box 3 vallen geen aftrekposten. Wel mag je eventuele schulden in aftrek brengen op de gemiddelde economische waarde van je vermogen. Planet.nl
|